'Boer en keten willen wel, maar de overheid is eerst aan zet'

Alex Datema staat alweer twee jaar aan het roer bij Rabobank Food & Agri Nederland. Als directeur zet hij zich voor en achter de schermen in voor de verduurzaming van de agriketens.

%27Boer+en+keten+willen+wel%2C+maar+de+overheid+is+eerst+aan+zet%27
© Herbert Wiggerman

Datema voert namens de bank gesprekken met vertegenwoordigers van de politiek en het bedrijfsleven, in Nederland en in het buitenland. Zo maakt Rabobank deel uit van OP2B, een internationale club van bedrijven die zich bezighoudt met verduurzaming. Voorafgaand aan het interview met Nieuwe Oogst was Datema in Brussel voor een kennismakingsgesprek namens OP2B met Eurocommissaris Christophe Hansen om te spreken over regeneratieve landbouw, doelsturing en de rol daarbij van de bank. 'Er zijn politici die vooral willen vertellen wat ze willen. Hansen komt ook luisteren. Hij was echt geïnteresseerd in waar wij mee bezig zijn.'

Het ontbreekt ons aan een gezamenlijke visie en uitvoeringskracht

Alex Datema, directeur Food & Agri Nederland bij Rabobank

Bent u het eens met Hansens pleidooi dat krimp van de veestapel niet nodig is?

'Als ik het optimistisch bekijk, dan zegt hij ongeveer hetzelfde als wij: met innovatie en managementmaatregelen kunnen we veel problemen oplossen. Hij zegt dat de landbouw een deel van de oplossing is en daar ben ik het mee eens. Krimp van de veestapel is dan niet het eerste waar we aan denken. Maar hij framet dat alsof krimp niet nodig is. Ik denk dat hij zich er te makkelijk van afmaakt.'


Waarom is dat te gemakkelijk gedacht?

'Hij legt de bal bij de Nederlandse overheid, maar de kaders waarin die opereert staan vast. Dat zijn Europese kaders. Als hij zorgen heeft over de omvang van dierlijke productie in Europa, dan moet je daar als Europese Commissie ook ruimte voor geven. Dat gebeurt niet.'

'Neem bijvoorbeeld de Nitraatrichtlijn. Die is gebaseerd op een generieke maatregelen. Er mag maximaal 170 kilo per hectare stikstofhoudende dierlijke mest worden uitgereden en dan komt het goed met de waterkwaliteit. Daarbij kijk je niet naar de specifieke situatie in elk land afzonderlijk. Die lijn moet je loslaten, als de Nitraatrichtlijn wordt herzien. In plaats daarvan kunnen boeren bij milieuzaken sturen op data.'

Rabobank heeft een transitiefonds van 3 miljard euro waarmee boeren een voordelige financiering kunnen krijgen voor verduurzaming. Het duurzaamheidsfonds staat open tot 2030. Datema meldt dat op dit moment zo'n 600 miljoen euro is besteed en dat is volgens de verwachting.


Hoe wordt dit geld besteed?

'Dat gaat voor 80 procent naar grond. Dat is op zich niet erg, maar het is wel jammer dat er niet veel meer met innovatie wordt gedaan. Daar liggen best wel kansen en die worden niet benut omdat het juridisch zo onzeker is. Dat is jammer, want we hebben innovatie keihard nodig om de milieu- en waterdoelen te halen.'


Is grond aankopen verstandig?

'Als je berekent wat grond aankopen kost aan rente en aflossing en daartegen afzet welke producten je kunt verbouwen, dan kan dat bijna nooit uit en dat heeft ook bijna nooit uit gekund. De grondprijs stijgt harder dan de opbrengstprijzen van de landbouwproducten, dus dat gat wordt steeds groter.'

'Maar als je ervan uitgaat dat bouwplannen in de komende jaren waarschijnlijk extensiever worden en als je net zoveel goed salderende gewassen wilt verkopen, dan heb je meer grond nodig. Dus het is nog steeds in die zin interessant om grond te kopen. Bedrijfseconomisch op de korte termijn niet, maar op de lange termijn wel. Als bank kijken of het bedrijf de extra financieringslasten van die extra grond kan dragen.'

'Grond is waardevast. Je loopt er weinig risico mee. Je versterkt je bedrijf ermee naar de toekomst. Dus als ondernemers moeten kiezen of ze investeren in grond of in innovatie, dan snap ik wel dat veel ondernemers kiezen voor grond.'


Rabobank krijgt nogal eens het verwijt niet te willen investeren in innovatie.

'Het is niet zo dat wij de aanvragen afwijzen en niet willen financieren, maar de aanvragen komen niet binnen. Het wordt niet aan ons voorgelegd. Als een ondernemer er niet voor kiest om te investeren in innovatie vanwege onzekerheid, dan houdt het voor ons ook op.'


Waar zit die onzekerheid in en hoe kan dat worden weggenomen?

'De discussies over RAV-codes en rechterlijke uitspraken of een innovatie wel zo goed is als beloofd, geven onzekerheid. Dat is iets wat bestuursrechtelijk en politiek moet worden geregeld. De politiek is aan het zet om te regelen dat innovaties juridisch zijn geborgd. Dat ligt niet bij het bedrijfsleven. De innovaties staan klaar.'

'Vergeet niet, innovaties kosten ook gewoon geld. De meeste innovaties rondom mest en stikstof zijn bedrijfseconomisch gezien niet interessant. Je lost er misschien een milieuprobleem mee op, maar je gaat er niet meer geld mee verdienen, ook niet op de lange termijn.'


Dus zal Rabobank ze niet financieren?

'Als het bedrijf de financiële last kan dragen, dan financieren wij ze wel. Bij grondaankoop financieren we ook niet op basis van wat die grond landbouwkundig op gaat brengen. Het gaat erom dat het bedrijf voldoende cashflow heeft om de rente en aflossing te betalen. Ook kijken we of het een zinvolle investering is, net als bij innovaties die het toekomstperspectief van het bedrijf vergroten.'


Wat weegt dan zwaarder bij zo'n financieringsaanvraag, het businessmodel of de milieudruk omlaagbrengen?

'Wij proberen dat gelijkmatig af te wegen en dat is best lastig. Hoe maak je die afweging tussen het bedrijfseconomische en het duurzaamheidsvraagstuk? Vroeger werd er vooral naar zekerheid gekeken. Als je niet genoeg zekerheid had, kon je niet veel geld lenen. Door allerlei veranderingen in de regelgeving is het nu zo dat cashflow veel zwaarder meetelt. Daar komt bij dat we ook kijken naar duurzaamheid van het bedrijf. Welke stappen moeten er in de toekomst worden gezet? En welke stappen zit je dan met die investering? Dat plaatje moet kloppen.'


Waarom gaat die transitie zo langzaam?

'Het gaat langzaam omdat er zo weinig duidelijkheid is over waar we nu met elkaar heen willen. Dat ligt voor een deel aan de overheid. Maar ook als sector zijn we daar niet heel uitgesproken over. Dat betekent dat het aan de individuele ondernemer is om daar voor zichzelf over na te denken en keuzes in te maken. De een is daar makkelijker in dan de ander.'

'Een grote groep ondernemers wil wel stappen zetten, maar vraagt zich af wat er gaat gebeuren. Stelt de overheid over een jaar een nieuwe grens vast van wat je stikstofuitstoot op dat moment is? Misschien willen ze wel tien, vijftien koeien minder melken. Maar omdat je niet weet welk beleid er komt, heeft iedereen de neiging om toch de ruimte die je dan wettelijk hebt, ook te benutten. Omdat iedereen denkt: straks gaat er misschien iets gebeuren. Al dat soort factoren maken dat het voor veel ondernemers moeilijk is om een bedrijfsstrategie voor de komende vijf jaar te maken.'


Hoe zien jullie die toekomst?

'Wij hebben in december 2023 een visie gepubliceerd over hoe wij kijken naar verduurzaming van de landbouw en wat je daar allemaal voor nodig hebt. Per sector hebben we dat verder uitgewerkt. Wij hebben voor onszelf een beeld van hoe je het op hoofdlijnen zou kunnen doen. Tegelijkertijd hebben we ook gezegd dat het uiteindelijk aan de individuele ondernemer is om een keuze te maken over hoe je die verduurzaming doet. Of je dat met veel technieken doet of door te extensiveren, is niet een keuze van de bank, maar van de ondernemer.'

'Wat die kiest, hangt af van de omstandigheden en wat die ondernemer leuk vindt. Het hangt voor een groot deel ook af van de locatie van een onderneming.'


Mist u die visie bij het kabinet?

'Volgens mij ontbreekt het ons aan een gezamenlijke visie. Maar het ontbreekt ons ook aan een plek om daarin slagen te slaan. In het verleden hadden productschappen en het Landbouwschap waarin overheid en bedrijfsleven gezamenlijk keuzes maakten en uitvoeringskracht hadden, ook al deed dat soms pijn. Die plek hebben we niet meer. Het lukt ons niet om via ons poldermodel dat wel te doen. Daar zijn we ook te versplinterd voor geraakt als totale sector. Bij het landbouwakkoord hebben we dat ook gezien.'


Hoe komt dat?

'Ik denk dat het met de toenemende individualisering van de maatschappij heeft te maken. De politiek is veel versnipperder dan twintig, dertig jaar geleden met veel verschillende politieke partijen. Ook hebben we de instituties om dit soort dingen te bespreken niet meer. Dat hele systeem maakt dat er weinig vooruitgang komt.'


Komt het ook door weerstand?

'Ik denk niet dat het probleem is dat er weerstand is. Het probleem is dat we niet weten waar we heen gaan. Dat maakt dat mensen het moeilijk vinden om keuzes te maken. Maar als je niet weet waar je heen gaat, dan kun je ook geen goed beleid maken. Ik vind de Lbv- en Lbv-plusregeling het beste voorbeeld van wat er nou misgaat.'


Waarom vindt u de Lbv-regelingen daar een voorbeeld van?

'De Lbv-regelingen zijn ingericht om iets met stikstof te doen, maar er zit geen enkele component in die aangeeft waar we naartoe willen. Er komen minder dieren, want we willen minder stikstof uitstoten op bepaalde plekken. Maar wat gaat dat dan opleveren aan structuurverbetering voor de sector? Wordt de veehouderij er beter van? Er zit geen enkel element in de regelingen vanuit dat perspectief.'


Wat betekent dat?

'Het gevolg is dat je de modernste en milieutechnisch beste bedrijven opkoopt. Die bedrijven stoppen en de bedrijven die nog een hele stap moeten zetten om op datzelfde niveau te komen, zijn er nog. Als je een regeling zo ontwerpt dat de modernste en milieutechnisch beste bedrijven het eerst worden opgekocht, dan draagt die regeling niet bij aan de sterke sector. Die regeling draagt alleen maar bij aan het reduceren van stikstof, maar dat draagt niet bij aan een structuurverbetering van de sector.'

'We voelen allemaal dat er iets moet gebeuren vanwege het verlies van derogatie en de rechterlijke uitspraken. Als je niet een beeld hebt waar je met de sector heen wilt, hoe ga je dan beleid maken? De kans is groot dat we beleid krijgen dat vooral kijkt naar het oplossen van het acute probleem van gisteren en van vandaag zonder dat het bijdraagt aan dat beeld van die structuurverbetering die we in de sector nodig hebben.'


Wat moet er dan gebeuren?

'Eigenlijk moet je met elkaar vaststellen hoe we willen dat de melkveehouderij eruitziet over vijftien jaar. En de varkenshouderij en de intensieve veehouderij en alle andere sectoren. Dan kun je beleidsinstrumenten inrichten die het probleem van nu op lossen, maar wel met het zicht op perspectief voor de toekomst.'

'De politiek komt er niet uit, maar dat lukt de sector zelf ook niet op dit moment door de versnipperdheid. Intussen wordt er van alle kanten veel druk op de sector uitgeoefend. Dat maakt het veel moeilijker om dat soort stappen te zetten met elkaar.'


Waar staat de sector in 2030 of 2040?

'Als het aan mij ligt, dan gaan we toe naar een sector die opereert binnen de milieugebruiksruimte, een sector die past binnen wat we in Nederland aan ruimte hebben. Dat is uiteindelijk de enige manier om te kunnen overleven. Hoe groot die sector is, hoeveel dieren en zo, hangt af van de mogelijkheden die je hebt om binnen de milieugebruiksruimte te blijven. Hoe meer je kunt met innovatie, hoe meer dieren je kunt hebben. Uiteindelijk moet je daar een evenwicht in vinden. Dat is de grote zoektocht voor nu.

'De sector zal een grotere rol spelen in Nederland. Dat zal niet alleen over voedsel gaan, maar ook over landschap en biodiversiteit. Dat laatste wordt een structureel onderdeel van een bedrijf. Daar moeten ondernemers ook geld mee verdienen.'

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Donderdag
    20° / 5°
    0 %
  • Vrijdag
    20° / 4°
    10 %
  • Zaterdag
    15° / 3°
    10 %
Meer weer